Over de grens: de Chinese componist Tan Dun

Beethoven, Bach, Mozart. Vraag iemand willekeurig naar drie componisten en de kans is groot dat één van deze namen wordt genoemd. Natuurlijk, dit zijn de grootste en bekendste muzikale meesters in de klassieke muziekgeschiedenis, maar waar horen we Heitor Villa-Lobos, Florence Price of Tan Dun? Bij kenners wellicht bekend, maar niet altijd bij het grote publiek. In deze reeks gaan we de grens over en laten we je kennis maken met drie andere componisten uit Brazilië, de Verenigde Staten en China. Dit keer Tan Dun, China’s bekendste musicus.

Verweven met de Chinese geschiedenis

1983. Een uniek jaar, niet alleen voor een dan 26-jarige Chinese componist, maar misschien wel voor de Chinese klassieke muziek als geheel. Tan Dun eindigt als tweede in de Weber Prijs van Dresden en wordt daarmee de eerste componist uit China die een internationale prijs wint sinds de Communistische Revolutie van 1949. Het zou de opmaat zijn voor de hoogtijdagen van de ‘Nieuwe Golf’ van Chinese componisten, waarvan Tan Dun als een van de voormannen werd gezien.

Om beter te begrijpen wat voor prestatie dit is, moeten we terug naar Duns jeugd. Geboren op het platteland van de provincie Hunan, in het zuiden van China, ontwikkelt hij een interesse voor folk. Tegelijkertijd zet op dat moment ook het beleid van Mao en zijn ‘Culturele Revolutie’ de traditionele Chinese cultuur onder druk. Cultuur – en zeker die uit het moderne Westen – werd geassocieerd met de oude politieke klasse en daardoor aangewezen als zondebok. Ironisch genoeg zag Dun de muziek juist als een kans om uit de harde alledaagse realiteit te ontsnappen. Na het (gedwongen) werk op de rijstvelden, werkte hij in de avonden aan het componeren van muziek met ieder voorwerp dat hij maar voorhanden had – van potten en pannen tot traditionele Chinese strijkinstrumenten. Al op jonge leeftijd creëert hij zo arrangementen voor zijn commune, het liefst met traditionele instrumenten als de erhu (tweesnarige Chinese viool). Wanneer door een noodlottige ongeval het volledige orkest van het Peking Opera omkomt bij een schipbreuk, wordt Dun plots geselecteerd voor het prestigieuze muziekgezelschap: zijn muzikale carrière neemt een vlucht.

‘Nieuwe Golf’, een nieuw geluid

Steeds bekender in zijn regio, wordt Dun uiteindelijk op 21-jarige leeftijd toegelaten tot het conservatorium. De bloedige Culturele Revolutie is dan net ten einde en de conservatoria openen opnieuw haar deuren. Hier zou niet alleen het talent van Dun volledig tot bloei komen, maar maakte hij ook voor het eerst kennis met westerse klassiek muziek. Zijn uitspraak in een interview met The Guardian decennia later is typerend: tot zijn twintigste zou hij de namen Beethoven, Mozart of Bach nooit eerder hebben gehoord.

De jonge generatie studenten bracht een nieuw geluid, de ‘Nieuwe Golf’. Ze haalden hun inspiratie uit klassieke Chinese literatuur en folklore en besteedden minder aandacht aan de patriottische of revolutionaire thema’s. Tegelijkertijd lieten ze zich inspireren door de nieuwe muziek uit het Westen die nu toegankelijk was. Hun muziek werd daardoor gekenmerkt door culturele diversiteit, dat in de decennia daarvoor nauwelijks ruimte had gekregen. Veel van deze jonge componisten werden beloond met een indrukwekkende carrière in China – én daar buiten. Zo ook Dun. Hij waagde de overstap naar de VS, waar hij een plek op de Columbia University in New York zou verdienen. Aan de andere kant van de oceaan volgen jaren van ups en downs, maar uiteindelijk ook veel internationale erkenning.

Fusie van twee werelden

Inmiddels wordt Dun gezien als een van de belangrijkste hedendaagse componisten uit China en reikt zijn invloed tot over de hele wereld. Wat zijn werk zo origineel maakt, is de unieke fusie van experimentele, traditioneel Chinese én westerse muziekstijlen. Hij ontving verschillende internationale prijzen, waaronder een Grammy en een BAFTA voor de soundtrack van de film Crouching Tiger, Hidden Dragon. Een ander hoogtepunt was de première van zijn opera The First Emporer, waarmee hij een van de vijf componisten werd die zijn eigen werk mocht dirigeren in de Metropolitan Opera.

Het is een indrukwekkende lijst met prestaties voor een componist die van ver moest komen. Terwijl zijn geschiedenis uit China terug te vinden is in zijn werk, ziet Dun zichzelf inmiddels als een echte New Yorker. Of zoals hij het zelf zegt: “Of all of my generation who moved to the States, I am the only person really working and living in New York as a normal New Yorker. I don’t have any distance with the local people here. The culture is my culture. This is my home…”