Klassieke muziek is voor snobs

Klassieke muziek snelt haar reputatie vooruit, zo ook klassieke componisten – zelfs als ze al een paar eeuwen geen noot meer uitbrengen. Er is geen ander genre waarover zoveel vooroordelen zijn als klassieke muziek. Heeft Mozart écht ‘Twinkle Twinkle Little Star’ geschreven? Zijn de voorste stoelen de beste plekken in de zaal? We vertellen je graag welke misverstanden we zo – hop! – de wereld uithelpen.

1. Mozart schreef “Twinkle, Twinkle, Little Star”

We kennen allemaal wel iemand die op feestjes en partijen met de volgende fun fact op de proppen komt: “Wist je dat Mozart ‘Twinkle, Twinkle, Little Star’ schreef?”. Iedereen verbaasd, de toastjes met kaas vallen spontaan van tafel en je tante Hennie stikt zowat van de schrik. Maar niets is minder waar! Mozart schreef alleen variaties op de bestaande melodie. Deze variaties zijn bekend onder “Ah, vous dirai-je, maman!”.

2. Zzz… Klassieke muziek is saai.

Schei toch uit. Ooit waren componisten de rockstars & rebels van hun tijd. Move over Justin Bieber, klassieke musici hadden in ook zo hun eigenzinnige trekjes – en dat zonder Maserati’s. Beethoven was verslaafd aan rode wijn en Chopin was niet vies van een beetje Opium op z’n tijd. Mozart schijnt een fascinatie voor ‘scatologie’ – scheten en alles daaromheen – gehad te hebben en Haydn componeerde zelfs een grappig muziekstuk over hetzelfde fenomeen. Geen saaie leventjes dus. Klassieke muziek draait net zo goed om de componisten achter de stukken en hun dagelijks leven toentertijd. Alleen roepen ze aan het begin van hun compositie niet continu hun eigen naam, zoals “Jasoooon Deruuuulooo” en doen ze niet aan autotune.

3. Klassieke muziek is voor snobs

Welnee. Nouja, klassieke muziek is ook voor snobs, maar de tijd van pretentieus gedoe is voorbij. Componisten schreven en schrijven hun muziek met ‘de gewone mens’ in gedachten. Je verwacht dat je bij klassieke muziekconcerten vooral mensen ziet die een eigen jargon in de strijd gooien, mega-chique gekleed zijn en zich een beetje uitsloven. Er bestaat een kans dat je die eerder bij een klassiek concert tegenkomt dan bij een concert van Rammstein inderdaad, maar waarom zou dat je tegenhouden? Juist jij en je vrienden kunnen een nieuw imago voor klassieke muziek creëren. Zoals onze oranje vriend uit de VS al eens zei: “Let’s make classical music great again”. Of zoiets.

4. Er wordt geen klassieke muziek meer gecomponeerd

Onzin. Er zijn nog steeds conservatoria, zodat mensen daar leren hoe ze hun talent omzetten in klassieke muziek. Er zijn nu alleen meer muziekstijlen dan in de klassieke hoogtijdagen, dus verdwijnen onze klassieke compagnons wat sneller naar de achtergrond. Waar klassieke muziek nu soms (nog) niet wordt gewaardeerd, was dat vroeger niet heel anders. Interessant feitje: Beethoven was in zijn tijd nog niet echt lit. Soms komt waardering voor iets uit het verleden gewoon pas later.

5. De beste stoelen staan voorin

Flauwekul. Als je al eens naar een klassiek concert geweest bent, weet je het wellicht al, maar dit is dus niet waar! In de meeste concertzalen zijn de voorste stoelen zelfs de slechtste plekken en vind je de beste stoelen achterin, bovenaan op het balkon. Als je voorin zit, bereikt de muziek je soms voordat het zich heeft kunnen mengen. Als je achterin zit, is de muziek een mooier geheel. Probeer het anders eens. We zijn benieuwd welke van beide opties jij als de beste hebt ervaren!